Boekbaby’s, gewikt en gewogen 17-06-2014

Stichting Lezen Vlaanderen, Locus en Kind & Gezin organiseerden op vrijdag 13 juni de studiedag Boekbaby’s, gewikt en gewogen bij Kind & Gezin in Brussel.
Boekbaby’s is de Vlaamse equivalent van BoekStart. Inmiddels ontvingen 16.000 jonge gezinnen in 79 Vlaamse gemeenten op twee verschillende momenten, als hun kind zes maanden en vijftien maanden oud is, een boekenpakket en informatie over boeken en voorlezen. De Bibliotheek, de consultatiebureaus van Kind en Gezin en andere lokale partners die ouders met jonge kinderen bereiken, werken samen om de boodschap en materialen van Boekbaby’s zo breed mogelijk te verspreiden. Deze zomer komen er zeven gemeenten bij.

Van september 2012 tot december 2013 voerde het Centrum voor Taal en Onderwijs van de KU Leuven in opdracht van de Vlaamse minister van Cultuur een onderzoek uit naar de impact van Boekbaby’s. Tijdens de studiedag presenteerde onderzoekster Heleen Van Nuffel de resultaten.
Kijk hiervoor bij Meer boeken in jonge Vlaamse gezinnen dankzij Boekbaby’s.

De resultaten zijn overwegend positief. De impact van het leesbevorderingsproject Boekbaby’s bleek het grootst bij anderstalige en laaggeschoolde gezinnen. Liefst 90% van de 472 bevraagde ouders zegt het babypakket te hebben ontvangen. Uit de interviews blijkt dat een goede en uitgebreide uitleg bij de uitnodiging en de pakketten het verschil kan maken. Het peuterpakket (vanaf 15 maanden) bereikt 62,5% van de ouders. 98,5% van de gezinnen gebruikt de boeken uit het babypakket, 97,1% doet dat met de boeken uit het peuterpakket. Bij de 62,5% van de ouders die het peuterpakket afhalen in de plaatselijke Bibliotheek doen anderstalige ouders dit iets minder vaak dan Nederlandstalige ouders. Hetzelfde geldt voor laaggeschoolde ouders t.o.v. hoger geschoolde. Anderstalige en laaggeschoolde ouders blijken als kind zelf minder gebruik te hebben gemaakt van de Bibliotheek. Dankzij Boekbaby’s worden 20,8% van de ouders lid van de Bibliotheek en 21,2 % bezoekt de Bibliotheek vaker. Heel wat ouders (40%) kopen meer boeken voor hun baby of peuter. Bij de laaggeschoolde en anderstalige groep is dat zelfs meer dan de helft (52,5% tot 55,2%). Ze lezen door de Boekbaby’s ook vaker voor (51,2 tot 57,4%) of kijken samen met hun kinderen in de boeken.

Kijk hier voor een samenvatting van het onderzoek.

Majo de Saedeleer, scheidend directeur van Stichting Lezen Vlaanderen, zette de actiepunten naar aanleiding van het onderzoek uiteen: de zichtbaarheid van het project vergroten door meer materialen, de communicatie met anderstalige ouders uitbreiden door meer uitleg in verschillende talen, zowel in de brochure als op de website. Met de vraag naar meer boeken in andere talen kan creatief omgesprongen worden, bijvoorbeeld door ouders die naar andere landen gaan te vragen boeken mee te nemen voor een tooncollectie in de Bibliotheek. En meer vorming op verschillende terreinen, waartoe het middagprogramma van de studiedag een aanzet vormde.

Een van de vijf keuzeworkshops was ‘Communiceren met ouders’ door Lieve De Meyer. Op enthousiasmerende wijze legde zij uit hoe je contact legt met jonge ouders, ook als zij daar niet voor openstaan. Door middel van rollenspelen kregen de deelnemers een beeld van wat werkt en wat niet en kregen zij handvatten aangereikt om het gesprek aan te gaan. Ook op non-verbale communicatie werd gelet, die 93 % van het verloop van het gesprek bepaalt!

De andere workshops waren:
Lokaal netwerken, een panelgesprek onder leiding van Jeroen Cops (onderwijsambtenaar van de stad Sint-Truiden);
Voorlezen aan baby’s en peuters door Elly van der Linden (Bureau Leesbevordering en Taalstimulering 0-7 jaar);
Het kleine ontmoeten; wat baby’s, peuters en hun ouders kunnen betekenen door Ruth Soenen (MA sociale pedagogiek en Dr. Sociale en culturele antropologie KU Leuven);
Boekenkansen voor alle kinderen door Marja Hermans (Welzijnsschakels) en Eva Jacobs (Maatschappelijke Participatie Stad Antwerpen).

De geslaagde dag werd ingeluid door auteur/illustratrice Joke van Leeuwen: ‘Kleine kinderen leren ons ook veel en laten je anders kijken. Bij gebrek aan woordenschat komen zij met prachtige metaforen als ‘kikkerslippers’ voor zwemvliezen en ‘zwetende ramen’ voor beslagen glas.’
De slotbeschouwing was voor rekening van Peter Adriaenssens, kinder- en jeugdpsychiater en docent aan de KU Leuven. Als verrassing was er nog een optreden van Jan De Smet!

 

Terug naar het overzicht