Verbinding BoekStart en de Bibliotheek op school 23-12-2015

Hetzelfde gebouw én eenzelfde visie en focus: verbinding tussen BoekStart in de kinderopvang en de Bibliotheek op school

In Heerhugowaard hebben basisschool De Zevensprong, kinderopvang Babbels en Bibliotheek Kennemerwaard een uniek samenwerkingsproject op het gebied van leesbevordering en leesplezier. De drie partijen hebben een verbinding gelegd tussen de programma’s BoekStart in de kinderopvang (0 tot 4 jaar) en de Bibliotheek op school (4 tot 12 jaar).

Kindcentra 0-12 jaar
In het werkgebied van Bibliotheek Kennemerwaard maken per januari 2016 41 scholen gebruik van de Bibliotheek op school. In vier scholen is er nu ook een kinderopvang. Dat zijn nu kindcentra voor 0-12 jaar. Deze kinderopvanglocaties werken (nog) niet met BoekStart (de aanvragen liggen er), maar zij passen al wel elementen van het programma toe. Zo maken zij samen met de basisschool een (voor)leesplan, zijn er gezamenlijke voorleesactiviteiten en de leesconsulent is er ook voor de pedagogisch medewerkers.

Bibliotheek op centrale plek
Basisschool De Zevensprong heeft een frisse, open sfeer, óók nu de verbouwing in volle gang is. Veel van het schoolleven speelt zich buiten de lokalen af, waarvan de kleuterpleinen in de royale, centrale hal een voorbeeld zijn. Daar komt over een paar maanden ook de bibliotheek weer terug met kasten voor alle kinderen, ook voor de allerjongsten. De bibliotheek vormt dan het hart van de school waar elk kind terecht kan.

Voorleesactiviteiten
De school geeft veel aandacht aan voorleesactiviteiten. De drie maal per jaar tweewekelijkse voorleesdagen zijn hiervan een voorbeeld. Pedagogisch medewerkers en leerkrachten gaan in elkaars groepen voorlezen. Dat er iemand anders komt voorlezen dan de eigen juf, maakt het extra speciaal. Peuters vinden het leuk alvast hun toekomstige juf mee te maken, en de pedagogisch medewerkers en hun ‘oude kinderen’ zien elkaar nog eens terug. Deze en andere verbindende activiteiten worden vastgelegd in het (voor)leesplan.

Jan Kaldenbach, sectormanager Innovatie en Ontwikkeling Bibliotheek Kennemerwaard:
‘De uitrol van de Bibliotheek op school in Kennemerwaard is maatwerk. We maken dankbaar gebruik van wat er landelijk ontwikkeld is door Kunst van Lezen, zoals de monitor, maar daarnaast is het zaak goed te luisteren naar de specifieke vraag van de school en die van de kinderopvang en daarnaar te handelen. We zijn ongeveer vier jaar geleden begonnen met de inzet van de leesconsulent, die minimaal vier uur per week op de school aanwezig is. Met het oog op structurele taalstimulering en leesbevordering stelde de gemeente een plaats beschikbaar voor een combinatiefunctionaris. Die ging het gesprek aan met scholen. Omdat het belangrijk is om de mores van een school te kennen en om de school aan te voelen zitten we jaarlijks met alle schooldirecteuren om tafel. Er was vraag naar zowel verbreding – het betrekken van de kinderopvang en de Brede School – als verdieping – mediawijsheid en programmeren. Om commitment te kweken zijn we allereerst aan de slag gegaan met scholen die het nut en de noodzaak van een leesconsulent inzagen. De gemeente speelt een belangrijke en stimulerende rol. Ik ben met vier schooldirecteuren bij de gemeente op zoek gegaan naar financiering wat resulteerde in de combinatiefunctionaris uit gemeentegelden. Het komt erop neer dat de Bibliotheek Kennemerwaard per school ruim de helft betaalt, de gemeente een kwart en de school zelf ook een kwart. In kleine gemeenten wordt er invulling gegeven met een startsubsidie. Ook daar betaalt de school een kwart, terwijl er driekwart voor rekening komt van de Bibliotheek. Dat vergt dus een voorinvestering met de intentie de gemeente warm te krijgen. Met ingang van januari 2016 doen er 41 scholen mee met negen leesconsulenten.’

Saskia Snoek, directeur Kinderopvang Babbels (heeft meerdere kinderopvanglocaties bij scholen in Heerhugowaard waar een leesconsulent van de Bibliotheek op school werkzaam is):
‘In vier scholen in Heerhugowaard is nu ook een kinderopvang, zodat dat kindcentra zijn voor 0-12 jaar. Daarbinnen worden verbindingen gelegd, zo zijn er bijvoorbeeld kleuterpleinen buiten de lokalen. In onze visie staat het kind centraal: als kinderopvang en school zijn we met elkaar verantwoordelijk voor hetzelfde kind. Er is verbinding tussen kinderopvang en de school, fysiek door één gebouw te delen én door eenzelfde visie en focus te hebben. De Bibliotheek op school is voor 4-12 jaar, maar waarom pas bij 4 jaar beginnen? We wilden werken aan de doorgaande leeslijn en de Bibliotheek speelde daarop in. Vanuit Brede Schoolgeld kreeg de leesconsulent de opdracht de verbinding te leggen.’

Margriet van Scheppingen, beleidsambtenaar gemeente Heerhugowaard:
‘In Heerhugowaard valt de Bibliotheek tot en met 2016 onder cultuurbeleid met een budget voor een combinatiefunctionaris. De verwachting is dat dit na 2016 voortgezet kan worden. Om beter (taal)achterstanden te voorkomen en sociale binding tot stand te brengen gaan we toe naar een integraal sociaal domein, waarbij een doorgaande lees- en leerlijn belangrijk is. Daartoe moeten de Bibliotheek, het onderwijs en het consultatiebureau samenwerken. Behalve voor Babbels liggen er in Heerhugowaard nog drie aanvragen voor BoekStart in de kinderopvang, die uit de stimuleringsgelden bekostigd zullen worden. Volgens de wet OKE wordt van de kinderopvang, naast verzorging, ook een opvoedende rol verlangd. De gemeente kan hier invulling aan geven met programma’s als BoekStart en BoekenPret, dat al langer wordt ondersteund, vanuit VVE-gelden. Het programma Tel mee met Taal dat in 2016 van kracht wordt en waarin de Bibliotheek een rol heeft, legt onder meer de focus op taalzwakke gezinnen. Door BoekStart en BoekenPret worden ook die ouders bereikt. Daarnaast ontstaan er verbindingen met partijen als de VoorleesExpress en taalcafés. Waar het om gaat is samenwerking. Die is er binnen de gemeente tussen Onderwijs en Cultuur. Tussen de gemeente en de Bibliotheek bestond al een goed contact. Doordat de scholen de handen ineen sloegen, was het voor de gemeente makkelijker daarin mee te gaan; we konden er moeilijk omheen!’

Silvia Honigh, leesconsulent Bibliotheek Kennemerwaard:
‘De startvraag was een verbinding te leggen tussen school en voorschool, een doorgaande lijn van 0 tot 12 jaar. We zijn met verschillende scholen een pilot begonnen en in gesprek gegaan met de directeuren van zowel de kinderopvang als van de school. Je hebt de input en visie van beide partijen nodig om tot een goede samenwerking te komen. Er wordt een gezamenlijk leesplan voor 0-12 jaar gemaakt. De leesconsulent waakt daarover. Niet zozeer praktisch met activiteiten, maar meer in de zin van bewustwording tot stand brengen bij pedagogisch medewerkers en leerkrachten, en terugkoppelen wat ieders rol is. De school erkent de expertise van de Bibliotheek. Er heerst ‘erkende ongelijkheid’: ieder heeft zijn kwaliteiten als onderdeel van het team. Gaat het over lezen dan wordt er aan de leesconsulent gedacht. Ik wil voor een cultuuromslag zorgen. Het moet eigenlijk zo zijn dat ik mezelf overbodig maak.’

Ilse Wijnja, pedagogisch medewerker en leescoördinator De Zevensprong:
‘We hebben vanuit de Bibliotheek een cursus gehad over boekenkeuze en de collectie is aangevuld. Er wordt nu frequenter voorgelezen in de kinderopvang, het voorlezen vormt kernmomenten op de dag. De kinderen vragen er nu zelf om om voorgelezen te worden! We lezen nu ook boekjes met baby’s, er staan boekjes bij de commode, zo creëer je een één op één momentje.’

Masja Meijer, intern begeleider De Zevensprong:
‘Wanneer de verbouwing klaar is, hebben we op onze school een gezamenlijke bibliotheek voor 0-12 jaar, dat was echt onze wens. Eerst hadden we alles op AVI ingedeeld, nu op interesse. Kinderen mogen hun eigen favoriete boek meenemen naar school, zelf zijn ze de beste ambassadeurs! We hebben per jaar drie keer een voorleesperiode van telkens twee weken. Dan gaan bijvoorbeeld leerkrachten en pedagogisch medewerkers voorlezen in elkaars groep. Of leerlingen uit de hoogste groepen lezen jongere kinderen voor. Daarna is er veel vraag naar de voorgelezen boeken. De leerkrachten nemen ouders van taalzwakke leerlingen mee naar de leesconsulent. Er is een ondersteuningsteam waarin ook het consultatiebureau zitting heeft. Uit de monitor blijkt dat enerzijds de resultaten van het technisch lezen goed zijn, maar anderzijds dat de woordenschat verbeterd kan worden. Ik ben benieuwd of onze aanpak hierop effect zal hebben.’

Heerhugowaard

Heerhugowaard Babbels

Heerhugowaard groep 8

Heerhugowaard

Heerhugowaard voorleesweken

Terug naar het overzicht